|
|
|
Pas na het jaar 881 verlieten de Noormannen onze gewesten, en uit deze overwinning op hen haalden sommige vorsten hun voordeel.
Om zich beter tegen een massale aanval te kunnen beschermen werden er her en der cirkelvormige versterkingen opgeworpen. Voor Lede zijn er voor het ogenblik vier bekend; nl. op de plaats van het kasteel van Waerseggers, het kasteel van Ronkenburg, op de Bambocht en het "kasteel van Mesen".
Een cirkelvormige versterking of "motte" bestond naast een houten woonhuis op de top van een berg ook nog uit een hoeve die onderaan de berg gelegen was. Later werd om veiligheidsreden (brandgevaar) en om de status hoog te houden ( de adel en de hogere burgerij ) het houten huis vervangen door een stenen woontoren of "donjon". Later werden aan de donjon verschillende gebouwen bijgezet, wat dan uiteindelijk resulteerde in een Kasteel.
Zo herkent men op een kaart uit 1628 het Kasteel van Mesen en de donjon.
De belangrijkste bewoners van dit kasteel waren de Bette's. Deze invloedrijke en rijke Gentse familie kwam in het bezit van Lede dankzij een huwelijk met de enige dochter van de plaatselijke heer de Gruutere. Via een goed geplande huwelijks politiek en een goed gevulde militaire carriere ( steeds in dienst van de Spaanse kroon ) klom deze familie op de adellijke ladder. Zij begonnen onderaan als jonkheer en eindigden als markies, dus één van de hoogste sporten. Een van de Bette's heeft het zelfs tot onderkoning van het eiland Mallorca gebracht.
De Heerlijkheid van Lede, het kasteel, behoorde van dan toe aan de Heren van Lede. Aan Jan van Lede (1230) tot de laatste van dit geslacht (1420) waarna Jan de Gruytere als eigenaar het goed door huwelijk van zijn dochter Isabella met Jaak Bette overmaakt aan deze familie. Sindsdien noemen de familie Bette zich Heren van Lede.
In 1607 werd de heerlijkheid door de Prins der Nederlanden, tot baronie verheven daar Jan Bette de titel van baron verwierf. In 1635, uit erkentelijkheid van de Koning van Spanje, promoveerde de baronie tot markizaat.
Het oude kasteel van de familie Bette was een rechthoekig gebouw met vier torens, gaanderijen en borstwering. Omgeven door water en lag in het midden van een uitgestrekt beluik omringd met hoogstammige bomen. Dit werd vernield door de Geuzen in de periode van de godsdiensttroebelen (1581). Op het einde van de eeuw liet Jan Bette het kasteel herbouwen. Na het overlijden van de laatste Bette kwam de heerlijkheid terug in bezit van een verre erfgenaam van de De Gruytere, nl Jean Charles baron van Joigny de pamele, die Heer van Lede bleef tot de afschaffing van de heerlijkheden door de wetten van de Franse republiek. In het jaar 1796 kwamen de adellijke privileges te vervallen en dit was het prille begin van de gemeente Lede.
Daarna komt het kasteel in het bezit van de familie Carmin-Staden, en na hun overlijden ondergaan het kasteel en de omliggende gronden diverse invloeden van industrialisering. Latere eigenaars gebruikten het kasteel o.a. als geneverstokerij, suikerfabriek, potasfabriek, klooster en kostschool. Na in 1897 het markizaat gekocht te hebben voor 97.000.- fr bouwden de Kanunnikessen van de H. Augustinus van Jupille de neogotische schoolvleugels en kapel in 1905. Tijden de eerste wereldoorlog loopt het kasteel teveel schade op en verkopen de zusters hun eigendom aan het Koninklijk Gesticht van Mesen. De zusters verhuizen met hun onderwijs naar Nederland.
Het Koninklijk Gesticht van Mesen werd opgericht door keizerin Maria-Theresia van Oostenrijk bij een decreet van 17 aug. 1752 na de afschaffing van de vroegere abdij van Mesen. Het Koninklijk gesticht had als bedoeling kinderen van gesneuvelde of invalide officieren op te voeden.
Maar tijden de eerste wereldoorlog had het koninklijk gesticht in Mesen een te grote schade geleden zodat de restauratie van hun gebouw een onbegonnen werk was. Zij waren bij het uitbreken van de gevechten, begin 1914, gevlucht naar Frankrijk ( Saint Germain en Laye ).
Oorspronkelijk werden er uitsluiten kinderen van hogere militairen opgenomen, maar vanaf 1944 werden er ook burgerkinderen opgevangen. In 1952 werd het niet meer mogelijk om een erkend diploma af te leveren aan de kinderen die franstalig onderwijs genoten in het Vlaams landsgedeelte. Uiteindelijk evolueerde Het Koninklijk Gesticht van Mesen tot een gewone onderwijsvorm en bij Koninklijk besluit van 10 aug 1952 werd het onder voogdij geplaatst van de minister van onderwijs. Een hele tijd bleef deze situatie ongewijzigd tot er in 1970 een grondige herstructurering werd doorgevoerd.
Het bestaan van de kostschool voor dochters van gesneuvelde officieren, kon door het dalend aantal leerlingen en de taalwetten van 1963 als franstalig onderwijs in Vlaanderen niet langer genieten van subsidiering. Een jaar voordien - Bij Koninklijk Besluit van 16 sept 1969 - werd de gevraagde toelating om de onderwijsinrichting te ontbinden en de roerende en onroerende goederen te Lede te gelde te maken - verleend. Zo zou men alles opnieuw moeten beleggen, overeenkomstig de aard en de bestemming, en de opbrengst ervan, alsook de andere inkomsten, zouden uitsluitend worden aangewend te behoeve van de door de stichteres, keizerin Maria-Theresia, bedoelde begunstigden. Dit zou gebeuren door het instellen van een stelsel tot verlening van dotaties en steun voor de studies en het postuniversitair onderzoek, alsook voor de beroepskeuze en beroepsvestiging, voor de aanmoediging aan de families van de begunstigden en voor stoffelijke en zedelijke hulp.
Het nieuwe reglement werd goedgekeurd bij Koninklijk besluit van 14 juli 1970 en 20 juli 1972. Sindsdien staat Het Koninklijk Gesticht van Mesen onder de voogdij van de Minister van Landsverdediging. Het secretariaat van Het Koninklijk Gesticht van Mesen in de Kasteeldreef 49 werd behouden.
Totale verwaarlozing van de gebouwen en een klassering als parkzone
laten in 1999 een prachtige ruine ontstaan op amper 30 km van
Brussel, de Europese hoofdstad.
Bron : Ronny Schepens
-
|
|
 |
 |
|
Forgotten Places © 2003 - 2004. No Image Or Text May Be Reproduced, Edited, Copied, Or Placed On Any Other Website At Any Time, Without Written Permission From The Web Site Owner.Photographs © 2003 - 2004 Tomas G. And Pieter-Jan VDS
|
|
|
|